De werkgroep Ecologische Alternatieven wou tijdens haar projectweek op zoek naar praktijken die doen dromen van een ‘eetbare stad’. Voedselconsumptie (en distributie) in een stad lijkt vanzelfsprekend, maar waar moet al dat voedsel vandaan komen? Een blik in de rekken van de supermarkt leert al snel dat veel voedsel een zeer lange weg heeft afgelegd. En dat roept heel wat vragen op.

Vandaag is het zeker een utopisch idee om in de volledige voedselbehoefte van een stad als Gent te voorzien zonder te importeren. Sociale en ecologische uitdagingen maken het echter noodzakelijk om op zoek te gaan naar manieren om een groter aandeel van dat voedsel nabij te produceren en zo de afhankelijkheid te verkleinen. In De Eetbare Stad gaan we op zoek naar enkele inspirerende initiatieven die bijdragen aan meer voedselautonomie. Een permanente bezorgdheid voor de werkgroep is in welke mate die projecten ook sociaal herverdelend zijn of enkel toegankelijk voor een exclusief publiek.

CSA – Het Wijveld

Meer en meer boeren kiezen voor het CSA model. Michiel van Poucke van het Wijveld is een van hen. Hij was oorspronkelijk geluidstechnieker maar koos resoluut voor een nieuwe uitdaging waar hij later met fierheid op terug zou kunnen kijken. Na het volgen van een opleiding biolandbouw, kwam hij in Destelbergen terecht. Het Wijveld was geboren.

CSA staat voor ‘Community Shared Agriculture’. Een belangrijk voordeel voor de boer is de loonzekerheid. Aangesloten leden betalen aan het begin van het jaar hun lidgeld en kunnen dan een heel jaar verse seizoensgroenten gaan oogsten op het veld. Op die manier worden de risico’s gedeeld en is een boer minder afhankelijk van de grillen van de natuur. Als de oogst uitzonderlijk goed is, plukken alle leden samen de vruchten, valt de oogst tegen dat jaar, dan heeft de boer toch zijn inkomen.

bedrijvigheid!

“In de supermarkt zijn mensen echt consument. Ze kiezen allemaal de schoonste krop sla. Respect voor boer en groenten is daarbij van secundair belang. Hier blijft minder staan op het veld. Onze gebruikers redeneren eerder in termen van bruikbaarheid en nemen ook groenten mee naar huis die in de winkel waarschijnlijk in de rekken bleven liggen,” aldus Michiel.

Een CSA boerderij is een mooi voorbeeld van een initiatief waarbij de perverse bijwerkingen van de vermarkting van de voedselproductie worden tegengegaan. De lange keten van veld naar bord draagt bij tot ecologische en sociale problemen en doordat heel wat geld bij de tussenschakels blijft zitten, waarbij de boer vaak produceert met verlies.

“Groenten in de winkel worden systematisch te laag geprijsd. De boer is daar de dupe van, maar op lange termijn heeft dit voor iedereen negatieve gevolgen. Hier ken ik als boer de eindgebruiker en omgekeerd. Dat contact is een enorme meerwaarde en door zelf naar het veld te komen en te zien hoe we te werk gaan, worden mensen zich ook meer bewust waar voedsel vandaan komt en wat erbij komt kijken.”

Meer info: http://wijveld.skynetblogs.be/

Hier meer info over de mogelijkheid om een aandeel te kopen en het Wijveld te helpen aan 3,3 hectare grond om haar activiteiten verder te kunnen zetten.

Interview Janusz plukt

 

Het Landhuis – Autonome Ecologische Volkstuintjes

Op vrijdag 12 september bezochten we het Landhuis. Het is in veel opzichten een uniek project. De naam “Autonome Ecologische Volxtuin” is niet gestolen. En dat ‘autonoom’ mag gerust letterlijk genomen worden. Het hele initiatief wordt gedragen door onbetaalde krachten, die hier neerstreken toen de grond dreigde verloren te gaan. We spreken met John Gruwez, die van bij het begin in 2010 betrokken was.

Landhuis bordJohn: “We zijn hier enkel kunnen blijven door verzet te tonen. Als we dit stuk grond niet hadden ingenomen, dan had het meteen braak gelegen. Waardevolle ecologische grond was dan onherroepelijk verloren gegaan.”

Het Landhuis was eerder een sociaal tewerkstellingsproject waarbij biologische groenten werden gekweekt. Dat project is intussen naar Melle verhuisd omdat Stad Gent de grond had onteigend om er voetbalvelden te maken. Een jonge groep activisten besliste daarop om het domein te kraken en de tuintjes verder te bewerken tot de werkzaamheden zouden beginnen.

“We woonden allemaal in de stad en hadden veel goesting om groenten te kweken. Dan denk je meteen aan volkstuintjes, maar de wachtlijsten voor volkstuintjes zijn zeer lang. Er is gewoon onvoldoende grond beschikbaar.”

Intussen zit de groep er sinds het voorjaar van 2010 en hoewel de stad van plan was meteen aan de werken te beginnen, is dat nog steeds niet gebeurd. De groep achter het Landhuis beklemtoont niet alleen de schaarste van de beschikbare grond in en om Gent, maar laakt ook het gebrek aan visie bij de stad als ze beweren de tuintjes elders te compenseren. Ecologisch kwalitatieve grond krijg je niet vanzelf, het is een proces van lange adem. Hoewel de groep de grond van bij aanvang heeft bezet, hebben ze wel altijd dialoog met de stad nagestreefd. In die zin is het alvast positief nieuws te horen dat op zijn minst een deel van de tuintjes behouden zullen blijven. Hoeveel en hoe die zullen ingepland worden, die strijd is nog niet teneinde gevoerd.

Meer info: http://tlandhuis.wordpress.com/

Interview John Landhuis tuintjes

 

Fietstocht door ‘De Eetbare Stad’

Op donderdag 11 september maakten we met enkele leden van de werkgroep een fietstocht langs meerdere kleinschalige projecten die illustratief zijn voor de veelheid aan initiatieven die reeds in Gent bestaat.

WG op fiets

Leden van de werkgroep tijdens de fietstocht. Aan het uitkijken over een stadslandbouwtuin bij het Woonzorgcentrum Het Heiveld.

 

 

 

 
Heb ik iets van u aan misschienHet spilvarken

Varkens in de stad, gevoed met ‘eetbaar afval’ dat de stad voortbrengt.

Meer info: http://www.hetspilvarken.be/

 

 

Fietstocht - Stadstuin

De Stadstuin aan Dok Zuid. Een stukje braakliggende grond dat door een ondernemende groep Gentenaars werd ingepalmd om opnieuw in te richten, tot het een nieuwe bestemming krijgt.

Stadstuin aan water

 

 

 

 

 

 

De Rabotsite

Woensdag 1 oktober bezochten we het laatste project dat we in de kijker willen plaatsen tijdens de reportage die op de publieksavond in januari 2015 vertoond wordt. De Rabotsite is een project waar Samenlevingsopbouw samen met buurtbewoners tuiniert. Het is de bedoeling vooral mensen die leven in een kwetsbare situatie en anders geen toegang zouden hebben tot een stukje groen toegang tot wat grond te geven. Er zijn kleine privétuintjes en er is ook een grotere collectieve tuin waar groenten worden geteeld voor Eetcafé Toreke en de sociale kruidenier.

MuntAls we op bezoek komen, dan zien we heel wat bedrijvigheid. Enkele vrouwen maken munt schonen, terwijl anderen al bezig zijn brood te bakken om tijdens de middag samen op te eten. Intussen wordt in verschillende tuintjes geoogst dan wel gezaaid. Onze cameraman komt bijna ogen te kort om het allemaal in beeld te brengen.

Wannes Degelin die samen met zijn collega Dimitri, beiden Samenlevingsopbouw, voor ondersteuning zorgt, benadrukt dat de tuintjes hier vooral een middel zijn om sociale doelstellingen te bereiken. Alle vrijwilligers die op woensdag tijdens de werkdag komen meehelpen, die krijgen ‘Torekes’. Dat is een complementaire munt.

“Met de Torekes functioneren we buiten het reguliere economische systeem. Prachtig om te zien hoe dat kansen creëert tot solidariseren: iemand spaart Torekes op om de groep eens te kunnen trakteren, mensen leggen bij elkaar gespaarde Torekes bij elkaar voor iemand in nood.”

De tuintjes zijn er in het kader van een tijdelijke bezetting. Na onderhandelen mochten ze blijven tot de projectontwikkelaar die eigenaar van de grond is er gaat bouwen.

Meer info: http://www.rabotsite.be/nl

Voorbereiden op interview Plukken voor eetcafé Zwoegen bis