Sinds de ontwikkeling van onze verzorgingsstaat nemen organisaties uit het maatschappelijke middenveld een niet onbelangrijke plaats in tussen de bevolking en de diverse overheden (van lokale en federale tot Europese overheden). Die organisaties willen de belangen en de grondrechten van een zo breed mogelijke groep burgers behartigen en verdedigen. De vakbonden spelen hierin tot op vandaag een cruciale rol, maar ook andere (nieuwe) sociale bewegingen bezetten een centrale plaats in de dynamiek tussen de burger en de overheid.

Heel wat middenveldorganisaties ontvangen subsidies van diverse overheden waarmee ze een deel van de gemaakte beleidskeuzes mee uitvoeren. Met die subsidies verrichten de middenveldorganisaties niet alleen beleidsuitvoerend werk. Vaak beschikken ze ook over heel wat autonomie: ze kunnen dus zelf in zekere mate bepalen en beslissen hoe ze opereren in het gebied tussen  de burger en de overheid.

Over de rol van de middenveldorganisaties woedt er een onafgebroken discussie. De ene opiniemaker meent dat veel middenveldorganisaties gedepolitiseerd zijn, en het dus te weinig opnemen voor de rechten en de belangen van de burger, terwijl een andere dan weer de te sterke autonomie en bemoeizucht van een deel van het middenveld hekelt.

Inspelend op die discussie heeft een aantal Gentse middenveldorganisaties ongeveer een jaar geleden de beslissing genomen om samen op zoek te gaan naar een manier om zich sterker te ‘verenigen’ en meer gezamenlijk in te zetten op de behoeften en de belangen van de bevolking. Dat betekent dat de  acht organisaties er bewust voor kiezen om niet alleen op hun kernopdracht, maar ook op een gezamenlijk project in te zetten.

Een sterker gepolitiseerd middenveld

Het beleidsdiscours evolueert tegenwoordig in de richting van een sterker beheers- en bestuursmatige opstelling. Dat vertaalt zich in de vaak gebruikte slogan ‘goed en deugdelijk bestuur’. Eenzelfde evolutie is merkbaar binnen het middenveld: veel middenveldorganisaties claimen een soort neutraliteit en gaan zich bewust meer pragmatisch opstellen. Het uitdrukkelijke streven naar meer sociale, economische en ecologische rechtvaardigheid is iets wat velen aan ‘vroeger’ doet denken.

De keuze van de 8 Gentse middenveldorganisaties om zich in De Toekomstfabriek te verenigen, is gericht op een bewust streven naar een sterker gepolitiseerd middenveld met een ideologisch gedurfde opstelling: de keuze om van onderen uit te werken aan de ontwikkeling van een wereld met toekomst.

Hoopvolle toekomstprojecten en de actiemethoden om die te verwezenlijken

De snelle opeenvolging van de economische crisissen, gekoppeld aan de grote klimaatuitdagingen, verhogen de behoefte aan nieuwe en duurzame toekomstperspectieven. Dagelijks worden we overspoeld door nieuws dat inzoomt op de waan van de dag. Beleidsmakers noch organisaties uit het middenveld grijpen voldoende de kans om duurzame perspectieven op onze toekomst te ontwikkelen. De angst voor de toekomst overheerst. Vooral een kleine elite van machthebbers profiteert hiervan, terwijl de bevolking op zichzelf terugplooit en de vrees voor ‘de andere’ toeneemt.

De hoogste tijd dus om vanuit het middenveld te zoeken en te streven naar nieuwe, hoopvolle toekomstprojecten en actiemethoden om die te verwezenlijken. In tegenstelling  tot bepaalde politieke en maatschappelijke stromingen gaan we er niet van uit dat er eenvoudige antwoorden bestaan op de toekomstige uitdagingen. Daarom kiezen we ervoor te vertrekken vanuit vragen die in onze samenleving en binnen onze organisaties leven.

De acht organisaties uit het Gentse middenveld die zicht verenigd hebben in hun zoektocht naar een wereld MET toekomst!

Onder leiding van socioloog Fred Louckx, slaan zij de handen in elkaar voor dit nieuwe project.